10-03-14

Zes uren van Stein (Nl) : 56 km 291 meter

steun.jpgNa een goede trainingsmaand in januari, was februari op loopgebied een heel stuk minder.
Na het slopende moddertreffen bij de Trail du Mont-Saint-Aubert was ik toch aan enkele dagen rust toe.
Op de koop nam de griep me toen te grazen zodat februari een relatieve rustmaand (117 km) genoemd mag worden.

Bovendien was het ook erg druk op alle gebied, zodat we met frisse benen op onze volgende afspraak stonden, nl. de Zes uren van Stein.
Dit is voor de ultralopers steevast het startschot van een druk seizoen met deelname van vele buitenlandse atleten.
Wij hadden met enkele mensen van de Nationale ploeg afgesproken in het Vandervalk hotel vlakbij. Altijd een leuk weerzien en bijpraten met gelijkgestemden.

Na een stevig ontbijt stonden we om 11u aan de startlijn om 6 uren rondjes van 2,6 km te draven. Eventjes paniek toen we de kudde volgden en enkele minuten voor de start nog aan een gesloten poort aan de verkeerde kant van de vijver stonden, maar na een tussenspurtje stonden we uiteindelijk toch in het juiste vak.
Het concept van een zes-uren-loop is heel eenvoudig : de chrono tikt zes uren lang en iedereen probeert zoveel mogelijk rondjes (en restmeters) te lopen.
Je kan tussenin stoppen om wat te rusten, wandelen, eten of te drinken, maar de chrono loopt uiteraard steeds door.

Mijn doel vooraf was om 55 km te lopen en relatief fris te finishen zonder wandelpauzes.
Liever 54 km ontspannen vlak lopen met een goed gevoel, dan 58 km op de teller maar compleet gesloopt te finishen.
Door de plotse warmte (20°) was het de kunst om traag te starten en goed te doseren.

Zo gezegd, zo gedaan en ik ging traag van start – eerste rondje wel iets te snel – , maar eens het juiste tempo gevonden, ging het op automatische piloot.
Na drie uren cruise control lopen had ik een kleine 29 km, zodat ik perfect op schema zat.
Intussen hadden er al vele lopers er de brui aan gegeven (te snel gestart of geveld door de warmte) en was het deelnemersveld al flink uitgedund.
Daarna ging het wat stroever, logisch je hebt al een flinke afstand gelopen, maar je moet nog drie uren aan de slag.
Ik kreeg ook wat buikkrampen en verloor wat minuten door een grote boodschap in een dixie, maar ik kon toen terug wat lichter aan de slag.
Ik bereikte het marathonpunt in 4u28’40”.

Het laatste uurtje waren er al velen rondom mij aan het wandelen.
Bij mij liep het nog steeds vlot : ik had de juiste cadans gevonden en het zat nog steeds erg fris in ’t kopje.
Nogmaals het bewijs dat ultralopen vooral een mentale bedoening is.
Fysiek en uithouding hebben we allemaal – de ene al wat meer dan de andere – maar op het einde van een wedstrijd is het vooral het mentale aspect dat het overneemt boven het puur lichamelijke.

Toen ik de laatste keer de finish bereikte had ik nog ruim 6 minuten te gaan en kon ik nog een tandje bijsteken.
Toen de toeter weerklonk kwamen de juryleden met hun wieltje de restmeters opmeten.
Ik had 56 km en 291 meter gelopen, Veerle bijna twee toerkes meer en ruim 61 km.
Bovendien had ik een PR gelopen en zaten we nog allebei erg fris en overheerste een goed gevoel.
Ik was vooral tevreden dat ik zes uren aan één stuk gelopen had – weliswaar traag – maar zonder ook maar een meter te wandelen – uitgezonderd de drankposten en dat ik een vlak egaal tempo had kunnen aanhouden.
Ik heb altijd beweerd dat ik geen echte ultra ben, maar dit smaakt toch naar meer.

Mijn volgende doel is nu de marathon van Rotterdam.
Daar wil ik graag een nieuw PR lopen. 3u42’19" is de “time to beat”.
De uithouding en het koppeke zitten alvast goed, nu nog enkele weken om wat snelheid bij te trainen.
Het wordt uiteraard moeilijk maar in een goede dag kan dit wel eens lukken …

stein2.jpg

18:00 Gepost door Frank Spencer | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.